Vleermuiskasten
|
| Veel vleermuissoorten bewonen van nature holle bomen. Bij
gebrek aan deze natuurlijke boomholten kunnen vleermuiskasten dienen als
kunstmatige verblijfplaats. Vleermuiskasten zijn echter géén
nestkasten; ze worden door sommige vleermuissoorten alleen gebruikt als
slaapplaats of paarplaats van één of enkele dieren en maar
zelden als kraamkamer. Bij het gebruik als paarplaats roepen b.v. mannelijke
ruige dwergvleermuizen (Pipistrellus nathusii) langsvliegende vrouwtjes
vanuit de kast. Vleermuiskasten zijn vooral bedoeld voor de bosbewonende vleermuizen. Typische gebouwenbewonende vleermuizen, als de gewone dwergvleermuis, laatvlieger en meervleermuis, geven een zeer sterke voorkeur aan open spouwmuren en/of ruimten achter daklijsten en dakpannen. Vleermuiskasten zijn geen volledig alternatief voor natuurlijke boomholten en open spouwmuren. Ze worden zelden gebruikt door kraamkolonies (vrouwtjes met jongen). Door de slechte isolatie zijn ze, tijdens strenge winters, ook niet geschikt voor overwinterende vleermuizen. Boombewonende vleermuizen zoals rosse vleemuizen en bosvleermuizen blijven dus 100% afhankelijk van dikwandige boomholten. |
![]()
|
|||
| De maat van de invliegspleet is vrij kritisch (max. 1,5 cm. breed), omdat anders kleine zangvogels (winterkoning en boomkruiper) de kast als slaapplaats gaan gebruiken. Vleermuizen gaan de concurrentie met vogels zoveel mogelijk uit de weg. | ||||
| Vooral de binnenzijde van het achterschot moet ruw zijn (Zonodig extra ruw maken, horizontaal zaagsneden aanbrengen.), zodat de vleermuizen zich goed met de nageltjes van hun achterpoten kunnen vastgrijpen. | ||||
| De kast kan aan de buitenzijde geschilderd worden met een bruine of groene milieuvriendelijke beits. Noodzakelijk is het niet, het komt alleen de levensduur ten goede. | ||||
| Werk de bovenzijde (dus over het scharnier)af met een stukje dakleer of loodslab, let op dat de voorzijde wél gemakkelijk geopend kan worden. | ||||
| Hang de kast op aan een stevige boom, liefst op een plaats waar meerdere bomen aanwezig zijn. Een groter aantal kasten, in één gebied verhoogt de kans op succes aanmerkelijk. (10 stuks per hectare) | ||||
| De hoogte waarop de kast komt te hangen moet minstens 3 meter bedragen, dit i.v.m. het vrij uit kunnen vliegen van de vleermuizen. | ||||
| Draag er zorg voor dat de vleermuizen bij het uitvliegen zo min mogelijk obstakels tegenkomen, vaak wordt bij het uitvliegen géén gebruik gemaakt van het echolocatiesysteem. | ||||
| Hang de kast(en) zo mogelijk met de voorzijde naar het zonlicht. Vleermuizen zijn echte warmte liefhebbers, de kast kan op deze wijze zoveel mogelijk zonnewarmte absorberen. | ||||
| De kast dient tochtvrij en lichtdicht te zijn. | ||||
| Hang de kast( en) zoveel mogelijk in de luwte. | ||||
| Wanneer de kast eenmaal is opgehangen hoeft hij vrijwel nooit geopend te worden. Er kan gemakkelijk en zonder verstoring worden vastgesteld of de kast door vleermuizen bezocht wordt, er zijn dan keutels aanwezig op het mestplankje aan de onderzijde. | ||||
Voor het samenstellen van deze informatie is gebruik gemaakt van een oude brochure
van het voormalig Ministerie van C.R.M., samengesteld door R. Ridder, AM. Voûte
en P.H.C. Lina. De praktijk heeft in de loop van de tijd de definitieve vorm
bepaald.
© Jan Boshamer 1990-2003
Home
(met menu !) | nieuws
| sitemap | index
A-Z | zoeken | feedback
| over de website
over vleermuizen
| vleermuizen in
Nederland | vleermuizen
in huis | vleermuis
gevonden? |
bescherming
| onderzoek en monitoring
| landelijke telavond
| werkgroepen
|
agenda | literatuur
| links
![]() |
© Vereniging voor Zoogdierkunde en Zoogdierbescherming (VZZ), 2003
Niets van deze website mag worden vermenigvuldigd of openbaar gemaakt door
middel van druk, microfilm, fotocopie, plaatsing van teksten en/of afbeeldingen
op andere websites of op welke wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke
toestemming van de auteurs/makers. |