Myotis dasycneme
Uiterlijk
De meervleermuis is een grote vleermuis, met een gewicht van 14-20 gram en lange
relatief brede vleugels met een spanwijdte van 20 tot 30 cm. De buikvacht is
grijswit met een donkere ondervacht en steekt duidelijk af tegen de middel tot
donker bruingrijze rugvacht. De snuit is bruin en op de snuit zitten - in vergelijking
met andere Myotis-soorten - vrij grote neusknobbels. Net als de watervleermuis
heeft de meervleermuis opvallend grote voeten die hij gebruikt om insecten van
het wateroppervlak te scheppen.
Verspreiding
De meervleermuis is een soort die zich in de zomer vooral thuis voelt in
waterrijke gebieden met moerassen, weiden en bossen. In Nederland is de meervleermuis
dan vooral te vinden in de open veenweidegebieden en zeekleigebieden in het
westen, noorden en in iets minder mate ook het midden en zuidwesten van Nederland.
In het westen en noorden van Nederland is de soort plaatselijk algemeen.
In Europa is de soort tot nu toe vooral gevonden in Noordelijk Midden-Europa
(Nederland, België, Duitsland, Denemarken, Polen, Hongarije, Rusland en
enkele Baltische staten). De soort is echter overal vrij zeldzaam en wordt als
de zeldzaamste soort van Europa beschouwd. Het zwaartepunt van de Europese populatie
lijkt in Nederland te liggen.
Habitat
De meervleermuis jaagt in een snelle rechtlijnige vlucht in lange trajecten
vlak boven groot open water en langs oevers van plassen, meren, kanalen, rivieren
en vaarten. Ze jagen vooral op die insecten die op het wateroppervlak zitten
of daar vlak boven vliegen. De prooien worden dan met de relatief grote achterpootjes,
als het ware van het water geharkt. Boven oevers en langs vegetatie vangen ze
insecten (vooral dansmuggen) uit de lucht.
Meervleermuizen jagen tot op 10-20 km van de verblijfplaats. Grote afstanden
naar het uiteindelijke jachtgebied worden vooral via kanalen, beken, vaarten
en brede sloten afgelegd. Boven land volgens ze vaak lijnvormige landschapselementen
als bomenrijen, houtwallen en dijken.
De meervleermuis is waarschijnlijk onze snelste vleermuis. Bij het jagen behalen
ze soms snelheden tot wel 35 km/u.
Verblijfplaatsen
Kolonies van meervleermuizen bevinden zich vrijwel altijd in gebouwen zoals
op kerkzolders, in spouwmuren en onder dakpannen. Kraamkolonies variëren
in grootte van enkele tientallen tot enkele honderden dieren. In Nederland zijn
kraamkolonies tot nu toe vooral gevonden het westen en noorden van Nederland
maar ook aan de randmeren van het IJsselmeer en in veenweidegebieden in Oost
Nederland zijn kraamkolonies gevonden.
Paarverblijven zijn bekend van vleermuiskasten, maar de paring vindt net als
bij de andere soorten van het geslacht Myotis ook in de winterverblijven plaats.
Winterslaap
Meervleermuizen overwinteren in Nederland in mergelgroeven, bunkers, forten,
vestingwerken, oude steenfabrieken en kelders. Belangrijke overwinteringsplaatsen
zijn bunkers in de duinen van Zuid- en Noord-Holland en de mergelgroeven in
Limburg. Over het algemeen is de meervleermuis een middellange- tot lange afstandstrekker,
waarbij verplaatsingen van 200 á 300 km tussen zomer- en winterverblijf
bekend zijn. In de bunkers in de duinen overwinteren echter ook regelmatig meervleermuizen
die in de zomer in de directe omgeving verblijven.
Meer informatie over de meervleermuis is op deze website te vinden in het Beschermingsplan
Vleermuizen van Moerassen. (PDF - 1,1 Mb)
Tekstbronnen: IKL en Zoogdieren van West-Europa
Bewerking: Erik Korsten

Home
(met menu !) | nieuws
| sitemap | index
A-Z | zoeken | feedback
| over de website
over vleermuizen
| vleermuizen in
Nederland | vleermuizen
in huis | vleermuis
gevonden? |
bescherming
| onderzoek en monitoring
| landelijke telavond
| werkgroepen
|
agenda | literatuur
| links
![]() |
© Vereniging
voor Zoogdierkunde en Zoogdierbescherming (VZZ), 2004. Niets van deze website mag worden vermenigvuldigd of openbaar gemaakt door middel van druk, microfilm, fotocopie, plaatsing van teksten en/of afbeeldingen op andere websites of op welke wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteurs/makers. Over copyright. |